Zo gebruik je het

Stroomverbruik infrarood sauna: zo reken je het zelf uit

MMarlo Schipper 13 min lezen
Notitieboek en pen op een donker bureau met rood strijklicht
Een notitieblok en twee getallen zijn genoeg om je verbruik per sessie uit te rekenen.

In het kort

Stroomverbruik van infraroodwarmte reken je zelf uit met een som van twee getallen: vermogen en tijd. Hieronder de formule en de voorbeelden.

  • Watt gedeeld door duizend, maal uren, is kilowattuur
  • Voorbeelden voor deken, lamp, paneel en cabine
  • Opgegeven vermogen is een bovengrens, geen verbruik
  • Sessieduur weegt zwaarder dan het watt-getal

Warmte thuis kost stroom. Hoeveel precies, dat weten de meeste mensen niet. Toch is het een van de eerste vragen die opkomt voordat je een infrarood deken, een lamp of een cabine in huis haalt.

Het goede nieuws is dat je het zelf kunt uitrekenen. Je hebt maar twee getallen nodig: het vermogen van het apparaat en de tijd dat het aanstaat. In deze gids leggen we de rekensom uit, geven we voorbeelden voor de bekendste apparaten en laten we zien waarom het opgegeven vermogen bijna nooit gelijk is aan je werkelijke verbruik.

Waar stroomverbruik eigenlijk vandaan komt

Op elk elektrisch apparaat staat een vermogen in watt. Dat getal zegt hoeveel stroom het apparaat opneemt op het moment dat het op volle kracht werkt. Een sauna deken van 450 watt gebruikt op volle kracht 450 watt. Een infraroodlamp van 275 watt gebruikt op volle kracht 275 watt.

Watt zegt alleen iets over dat ene moment. Wat je energieleverancier meet, is iets anders: energie, uitgedrukt in kilowattuur. Een kilowattuur is duizend watt die een vol uur aanstaan. Zet een apparaat van duizend watt een uur aan en je hebt precies een kilowattuur gebruikt. Zet datzelfde apparaat een half uur aan en je zit op een halve kilowattuur.

Het verschil tussen die twee is de sleutel tot dit hele artikel. Vermogen is een snelheid, energie is een afstand. Een sterke motor die kort draait, verbruikt minder dan een zwakke motor die de hele dag doorloopt.

De rekensom in een regel

De formule die je nodig hebt is kort:

Watt gedeeld door duizend, maal het aantal uur, is kilowattuur.

Meer is het niet. Je deelt het vermogen door duizend om van watt naar kilowatt te gaan. Daarna vermenigvuldig je met de tijd in uren. Wat je overhoudt, is het aantal kilowattuur van die sessie. Wil je weten wat dat in geld is, dan vermenigvuldig je die kilowattuur met jouw eigen tarief per kilowattuur. Dat tarief staat op je energiecontract en verschilt per huishouden, dus dat vullen we hier bewust niet voor je in. We rekenen alles in kilowattuur, zodat de cijfers blijven kloppen ongeacht wat jij betaalt. Heb je zonnepanelen, een dubbel tarief of een dynamisch contract, dan telt bovendien het moment waarop je de sessie inplant mee, en daar gaat infrarood en zonnepanelen verder op in.

Tijd omrekenen naar uren

Een klein struikelblok: sessies duren zelden een rond uur. Reken minuten daarom eerst om naar uren door te delen door zestig.

  • 10 minuten is 0,17 uur
  • 15 minuten is 0,25 uur
  • 20 minuten is 0,33 uur
  • 30 minuten is 0,5 uur
  • 45 minuten is 0,75 uur
  • 60 minuten is 1 uur

Stap voor stap

  1. Zoek het vermogen op. Dat staat op het typeplaatje, de voedingskabel of in de handleiding.
  2. Deel dat getal door duizend. Je hebt nu kilowatt.
  3. Reken je sessieduur om naar uren.
  4. Vermenigvuldig kilowatt met uren. Dit is je verbruik per sessie in kilowattuur.
  5. Vermenigvuldig met het aantal sessies per week of per jaar voor het totaal.
  6. Vermenigvuldig het totaal met jouw tarief per kilowattuur als je het bedrag wilt weten.
Hand die een ronde draaiknop bedient, verlicht door rood licht tegen een donkere achtergrond
De stand die je kiest en de tijd die je instelt bepalen samen bijna het hele verbruik.

Rekenvoorbeeld: een sauna deken van 300 tot 600 watt

Infrarood dekens zitten meestal tussen de 300 en 600 watt. We rekenen met een sessie van 45 minuten, dus 0,75 uur, en met drie sessies per week. Drie sessies per week is 156 sessies per jaar.

Vermogen Per sessie van 45 min Per week bij 3 sessies Per jaar bij 156 sessies
300 watt 0,23 kWh 0,68 kWh 35 kWh
450 watt 0,34 kWh 1,01 kWh 53 kWh
600 watt 0,45 kWh 1,35 kWh 70 kWh

Zo kom je aan het middelste getal: 450 gedeeld door duizend is 0,45 kilowatt. Maal 0,75 uur is 0,3375 kilowattuur, afgerond 0,34. Maal 156 sessies is bijna 53 kilowattuur per jaar.

Ter vergelijking: dat is de orde van grootte van een gemiddelde koelkast die een paar maanden draait, of van een waterkoker die je dagelijks gebruikt. Let op, dit zijn de bovengrenzen. Verderop leggen we uit waarom je in de praktijk lager uitkomt.

Rekenvoorbeeld: een infraroodlamp van 275 watt

Een klassieke infraroodlamp van 275 watt heeft geen thermostaat. Hij staat aan of uit, en trekt dus vrijwel de hele sessie zijn volle vermogen. Dat maakt de som eenvoudig en het antwoord betrouwbaar.

Gebruik Rekensom Verbruik
Sessie van 15 minuten 0,275 kW maal 0,25 uur 0,07 kWh
Vijf sessies per week 0,07 kWh maal 5 0,34 kWh
260 sessies per jaar 0,07 kWh maal 260 18 kWh

Achttien kilowattuur per jaar bij bijna dagelijks gebruik. Dat is minder dan veel mensen verwachten, en dat komt puur door de korte sessieduur. Verdubbel je de sessie naar 30 minuten, dan verdubbelt het verbruik netjes mee naar zo'n 36 kilowattuur per jaar.

Rekenvoorbeeld: een roodlicht paneel

Roodlicht panelen lopen sterk uiteen. Een klein paneel voor je gezicht zit rond de 100 watt, een groter paneel voor je bovenlichaam rond de 200 watt, en grote staande panelen kunnen richting 600 watt gaan. Sessies zijn kort, meestal tien tot vijftien minuten.

Paneel Sessie van 10 min Per week bij 5 sessies Per jaar bij 260 sessies
100 watt 0,017 kWh 0,08 kWh 4 kWh
200 watt 0,033 kWh 0,17 kWh 9 kWh
600 watt 0,1 kWh 0,5 kWh 26 kWh

Panelen zijn dus de zuinigste categorie, simpelweg omdat je ze zo kort gebruikt. Zelfs een fors paneel dat je bijna elke dag aanzet blijft onder de dertig kilowattuur per jaar.

Rekenvoorbeeld: een cabine van 1500 tot 2500 watt

Een infrarood cabine is een ander verhaal. Je verwarmt niet alleen jezelf, maar ook de lucht en het hout in een afgesloten ruimte. Daarom moet je twee dingen meetellen: het opwarmen vooraf en de sessie zelf. We rekenen met een kwartier opwarmen en 45 minuten zitten, samen een vol uur aan.

Vermogen Per uur op vol vermogen Per week bij 3 sessies Per jaar bij 156 sessies
1500 watt 1,5 kWh 4,5 kWh 234 kWh
2000 watt 2,0 kWh 6,0 kWh 312 kWh
2500 watt 2,5 kWh 7,5 kWh 390 kWh

Het verschil met een deken is groot. Een cabine van 2000 watt komt op papier uit op ruim zes keer het verbruik van een deken van 450 watt bij hetzelfde gebruik. Dat komt niet doordat een cabine slecht ontworpen is, maar doordat hij veel meer volume verwarmt. Wil je die twee vormen breder naast elkaar leggen, dan helpt het overzicht in infrarood deken vergeleken met een infrarood sauna. Welk vermogen bij welk formaat cabine hoort en vanaf wanneer je daar een aparte groep voor nodig hebt, staat in de koopgids voor een infrarood cabine.

Waarom het opgegeven vermogen niet je werkelijke verbruik is

Alle getallen hierboven gaan uit van vol vermogen gedurende de hele sessie. In de praktijk gebeurt dat bijna nooit. Apparaten met een thermostaat werken in twee fasen.

In de eerste fase, het opwarmen, trekt het apparaat inderdaad zijn volle vermogen. Het moet van kamertemperatuur naar de ingestelde temperatuur. Zodra die temperatuur bereikt is, begint de tweede fase: bijverwarmen. De thermostaat schakelt het verwarmingselement uit en pas weer in wanneer de temperatuur zakt. Het apparaat staat dan afwisselend aan en uit.

Dat aan en uit schakelen heet in de praktijk de gebruiksfactor. Bij een sauna deken die goed geïsoleerd is en dicht om je lichaam sluit, ligt die factor na het opwarmen vaak ergens tussen de 30 en 60 procent. Over een hele sessie gerekend, opwarmen meegeteld, kom je meestal uit rond de 60 tot 75 procent van het opgegeven vermogen.

Reken je daar netjes mee, dan zien de cijfers er zo uit voor een deken van 450 watt bij een sessie van 45 minuten:

  • Op papier, vol vermogen: 0,34 kWh per sessie en 53 kWh per jaar
  • Met een gebruiksfactor van 0,7: 0,24 kWh per sessie en 37 kWh per jaar
  • Met een gebruiksfactor van 0,6: 0,20 kWh per sessie en 32 kWh per jaar

Bij een cabine werkt hetzelfde principe, alleen weegt het opwarmen daar zwaarder mee. Een cabine van 2000 watt met een gebruiksfactor van 0,6 over het hele uur komt uit op 1,2 kilowattuur per sessie in plaats van 2,0, en op ongeveer 187 kilowattuur per jaar in plaats van 312.

Wat dit betekent voor jouw berekening: gebruik het opgegeven vermogen als bovengrens en de gebruiksfactor als realiteitscheck. De waarheid ligt daartussenin, dichter bij de onderkant naarmate je apparaat beter isoleert en je kamer warmer is.

Vier dingen die de gebruiksfactor beïnvloeden

  • De ingestelde temperatuur. Hoe hoger je gaat, hoe vaker het element bijspringt.
  • De kamertemperatuur. In een koude ruimte verlies je sneller warmte en schakelt de thermostaat vaker in.
  • De isolatie van het apparaat en van wat je eromheen legt.
  • De lengte van je sessie. Hoe langer je zit, hoe kleiner het aandeel van de opwarmfase in het totaal.

Vooral die eerste twee heb je zelf in de hand. In de temperatuurgids voor je infrarood deken lees je hoe je een stand kiest die prettig is zonder onnodig hoog te gaan zitten.

Goed om te weten

Een apparaat dat volgens het typeplaatje 450 watt gebruikt, is niet 450 watt zwaarder belast dan een van 300 watt. Het haalt de ingestelde temperatuur alleen sneller en schakelt daarna vaker uit. Over een hele sessie lopen de verschillen daardoor kleiner op dan de watt-getallen doen vermoeden.

Zelf meten met een stekkermeter

Wil je precies weten waar jij op uitkomt, dan is een energiemeter voor het stopcontact de eenvoudigste oplossing. Je steekt hem tussen het stopcontact en de stekker van je apparaat, doet een normale sessie en leest daarna het aantal kilowattuur af.

Drie tips om er een bruikbaar getal uit te halen:

  1. Meet een volledige sessie, van koud beginnen tot uitzetten. Alleen dan zit de opwarmfase erin.
  2. Meet twee of drie sessies en neem het gemiddelde. Kamertemperatuur verschilt per dag.
  3. Noteer erbij welke stand je gebruikte. Zonder die informatie zegt het getal weinig.

Met dat gemeten getal kun je meteen naar een jaartotaal. Vermenigvuldig het verbruik per sessie met het aantal sessies dat je realistisch verwacht, niet met het aantal dat je hoopt te halen.

De meeste stekkermeters laten naast kilowattuur ook het opgenomen vermogen en de stroom in ampere zien, en dat tweede getal is precies wat je nodig hebt om te beoordelen wat je stroomgroep en je verlengsnoer aankunnen wanneer er nog meer apparaten op dezelfde groep staan.

Alles naast elkaar

Om het beeld compleet te maken, hier de vier categorieën bij een realistisch gebruikspatroon en met een gebruiksfactor van 0,7 verwerkt.

Apparaat Sessie Frequentie Per jaar
Roodlicht paneel 200 watt 10 minuten 5 keer per week ongeveer 6 kWh
Infraroodlamp 275 watt 15 minuten 5 keer per week ongeveer 18 kWh
Sauna deken 450 watt 45 minuten 3 keer per week ongeveer 37 kWh
Cabine 2000 watt 60 minuten totaal 3 keer per week ongeveer 218 kWh

Bij de lamp rekenen we niet met een gebruiksfactor, omdat die geen thermostaat heeft en dus vol vermogen blijft trekken. Dat is precies de reden dat een lamp van 275 watt in verhouding niet zuiniger uitvalt dan een deken van 450 watt.

Wat dit rijtje vooral laat zien: de sessieduur en de frequentie doen meer met je jaarverbruik dan het watt-getal op de doos. Een klein apparaat dat je elke dag een uur gebruikt, kost je meer stroom dan een groot apparaat dat je een keer per week een kwartier aanzet. Wil je die kilowatturen omgerekend zien naar bedragen per sessie en per week, met het gehanteerde tarief er expliciet bij, kijk dan in het overzicht van wat infrarood kost aan aanschaf, stroom en per sessie.

Tips om je verbruik te beperken

Als je verbruik omlaag wilt, zijn dit de knoppen waar je echt iets mee wint. Ze staan op volgorde van effect.

  1. Kort de sessie in. Verbruik loopt recht evenredig met tijd. Van 45 naar 30 minuten scheelt direct een derde. Dit is verreweg de grootste knop.
  2. Zet de temperatuur een stand lager. Een lagere instelling betekent minder bijverwarmen en dus een lagere gebruiksfactor. Vaak merk je er in beleving nauwelijks iets van.
  3. Begin niet in een koude kamer. Gebruik je apparaat in een ruimte die al op kamertemperatuur is. In een koude bijkeuken of garage schakelt de thermostaat veel vaker in.
  4. Houd de warmte binnen. Sluit een deken goed en leg er eventueel een gewone deken overheen. Bij een cabine helpt het om de deur dicht te houden en niet tussendoor open te doen.
  5. Gebruik de timer. Een apparaat dat vanzelf uitgaat kan niet per ongeluk een half uur doorlopen. Dit voorkomt de meeste verspilling in de praktijk.
  6. Zet het uit na gebruik. Trek de stekker eruit of gebruik een schakelbare stekkerdoos, zodat er geen sluimerverbruik overblijft.
  7. Plan sessies achter elkaar. Gebruiken twee mensen in huis hetzelfde apparaat, doe dat dan kort na elkaar. Dan hoeft er maar een keer opgewarmd te worden.
  8. Kies het apparaat dat bij je gebruik past. Wie vooral kort en gericht wil opwarmen, heeft geen cabine nodig. Dat scheelt een orde van grootte in jaarverbruik.

Dat laatste punt is de grootste besparing die je kunt maken, en die maak je bij de aanschaf. Wie twijfelt tussen thuis en buitenshuis, vindt een nuchtere afweging in infrarood deken tegenover een wellnessabonnement. Ga je toch voor een cabine, kijk dan ook naar de plek, want een koude of tochtige hoek jaagt je verbruik omhoog. Daarover lees je meer in waar je een infrarood cabine thuis het beste neerzet. Staat de cabine in de tuin, dan telt dat effect het zwaarst, en hoeveel isolatie en buitentemperatuur bij een buitencabine met het opwarmen doen is een rekensom die je beter vooraf maakt dan achteraf.

Luxyor Slimline 100
Luxyor Slimline 100
  • Instelbare temperatuur en timer, zodat je de sessie kort houdt
  • Verwarmt alleen de ruimte om je lichaam, niet de hele kamer
  • 60 dagen bedenktermijn en 2 jaar garantie
Bekijk de Slimline 100

Veelgemaakte rekenfouten

Drie fouten zien we steeds terugkomen als mensen hun verbruik proberen te schatten.

De eerste is watt en kilowattuur door elkaar halen. Een apparaat van 600 watt gebruikt geen 600 kilowattuur, en ook geen 0,6 kilowattuur per sessie tenzij die sessie precies een uur duurt. Zonder tijd in de som betekent watt niets.

De tweede is rekenen met wenselijk gebruik. Mensen schatten in dat ze vijf keer per week gaan en komen uit op twee keer. Reken met wat je echt doet, dan klopt je jaartotaal.

De derde is de opwarmtijd vergeten bij een cabine. Die kwartier of half uur voordat je erin stapt telt volledig mee, en juist in die fase draait het apparaat op vol vermogen. Bij een deken speelt dit veel minder, omdat die binnen een paar minuten op temperatuur is.

Tot slot

Stroomverbruik van infraroodwarmte is geen zwarte doos. Vermogen delen door duizend, maal het aantal uur, en je weet je kilowattuur. Vul daarna je eigen tarief in en je hebt een bedrag dat klopt voor jouw situatie in plaats van een gemiddelde dat over een jaar toch weer verandert.

De belangrijkste conclusie: sessieduur en frequentie bepalen je jaarverbruik, niet het getal op het typeplaatje. En apparaten die alleen de ruimte om je lichaam verwarmen komen er per sessie een stuk gunstiger uit dan apparaten die een hele ruimte moeten opstoken.

Wil je verder lezen over hoe infraroodwarmte thuis werkt en wat er bij de keuze komt kijken? Bekijk de kennisbank over infrarood saunadekens of loop de collectie infrarood saunadekens door om vermogens en afmetingen naast elkaar te zetten.

Veelgestelde vragen

Hoe reken ik het stroomverbruik van een infrarood sauna uit?

Deel het vermogen in watt door duizend, vermenigvuldig met het aantal uur dat het apparaat aanstaat en je hebt het verbruik in kilowattuur. Vermenigvuldig dat met jouw eigen tarief per kilowattuur als je het bedrag wilt weten.

Wat verbruikt een infrarood deken per sessie?

Een deken van 450 watt gebruikt bij een sessie van 45 minuten op vol vermogen ongeveer 0,34 kilowattuur. Omdat de thermostaat na het opwarmen regelmatig uitschakelt, kom je in de praktijk vaak rond de 0,20 tot 0,24 kilowattuur uit.

Waarom verbruikt mijn apparaat minder dan het opgegeven vermogen?

Het opgegeven vermogen geldt alleen als het verwarmingselement echt aanstaat. Na de opwarmfase schakelt de thermostaat het element afwisselend uit en in om de temperatuur vast te houden. Over een hele sessie kom je daardoor meestal op zestig tot vijfenzeventig procent van het opgegeven vermogen.

Verbruikt een infrarood cabine veel meer dan een deken?

Ja. Een cabine verwarmt ook de lucht en het hout in een afgesloten ruimte en heeft opwarmtijd nodig. Een cabine van 2000 watt komt bij drie sessies per week op een paar honderd kilowattuur per jaar, terwijl een deken van 450 watt bij hetzelfde gebruik onder de vijftig blijft.

Hoe verlaag ik het verbruik het snelst?

Door de sessie korter te maken. Verbruik loopt recht evenredig met tijd, dus van 45 naar 30 minuten scheelt direct een derde. Daarna helpt een stand lager instellen en het apparaat gebruiken in een kamer die al op temperatuur is.

M
Marlo Schipper

Oprichter van Luxyor. Schrijft over infrarood, roodlicht en rust vanuit dagelijkse ervaring met klanten en producten.

Verder lezen